Broedeieren.

Broedeieren kunnen maar beter van goede kwaliteit zijn, om een goed resultaat te bekomen. Broedeieren worden vaak ook verkocht voor een bepaald ras of variëteit, om zo het ras te verbeteren. Aan broedeieren kan men beter hoge eisen stellen, en dat begint met de verzorging en huisvesting van de ouder dieren. We dienen ervoor te zorgen dat de foktoom optimaal is samengesteld en de dieren goed en voldoende worden gevoerd en verzorgd. Dat wil zeggen regelmatig reinigen van de hokken is noodzakelijk. We kunnen broedeieren ongeveer veertien dagen bewaren op een koele maar vorstvrije plaats en dat is ongeveer 10 graden die dan niet te droog mag zijn. De beste plaats om de eieren te bewaren is meestal de kelder. Daar plaatsen we de eieren in rekken en dagelijks keren we ze een halve slag, om de dooier zoveel mogelijk zwevend te houden. We merken de eieren met een potlood en dit best op de luchtkamer.

Broedeieren Schouwen.

Broedeieren schouwen met een schouwlamp kunnen we  al op de vijfde dag van het broedproces, dat wil zeggen met behulp van een sterke lamp kijken we door het ei heen en kunnen we zien of het ei werkelijk bevrucht is of dat het ei onbevrucht is. We kunnen de schouwlampen in allerlei soorten en maten kopen. We kunnen de eieren met een schouwlamp makkelijk schouwen door ‘s avonds in het donker de eieren stuk voor stuk door te lichten. Een onbevrucht ei zal geheel helder zijn en een bevrucht ei, zeker bij witte eieren, toont een duidelijke donker vlekje en bloedvaten.

Het broeden.

Het is beter om een aantal broedeieren tegelijk uit te broeden. Hierdoor komen de kuikens bijna gelijktijdig uit het ei. Als we gaan broeden, begint de verdere ontwikkeling van het vruchtbeginsel weer en zo gaat het groeiproces van het kuiken dus verder. In het ei zitten alle bouwstoffen die nodig zijn en de poreuze schaal zorgt voor de vochtverdamping en de warmte en zuurstof. Reeds de tweede dag van het broedproces zijn de kop en de wervelkolom in aanleg en na ongeveer 10 dagen is het kuiken al in alle onderdelen aanwezig. Na de zeventiende dag begint door de navel het inzuigen van de dooierzak en op de snavel is duidelijk een eitand zichtbaar, met behulp van die eitand kan het kuiken zich op de 21ste dag uit het ei bevrijden.

De geboorte van de kuikens.

Op de 19de dag steekt het kuiken zijn kop vooruit en breekt met zijn snavel door het binnenste eivlies in de luchtkamer en de longen beginnen te werken. Op de 20ste dag begint de volledige ademhaling pas te werken. De 21ste dag is waar iedereen dus met spanning op heeft gewacht en als alles goed is gegaan, zal het kuiken met de eitand voor op de snavel de eischaal doorbreken en het ei is dan aangepikt zoals we dat noemen. Na vele malen pikken tegen de eischaal zal het kuiken deze doorbreken. Bij een natuurbroed blijven die nog onder de moeder tot ze mooi droog zijn waarna ze dan het nest verlaten met de moederkip. In de broedkast mogen die de eerste 24h nog lekker in de warmte blijven tot ze goed droog zijn.